Beenmergkankeru kunt hiervoor terecht bij Oncologische Zorg

De behandeling van beenmergkanker bestaat uit verschillende stappen. U krijgt tijdens uw behandeling met verschillende behandelaars en afdelingen te maken. Dit behandeltraject noemen wij een zorgpad. Onderaan deze pagina kunt u het behandeltraject per stap bekijken.

kenmerken van dit zorgpad
Persoonlijk behandelplan
Een multidisciplinair oncologisch team uit verschillende ziekenhuizen bespreekt uw persoonlijk behandelplan.
Eén vast aanspreekpunt
U krijgt een eigen casemanager; uw vaste contactpersoon tijdens de gehele behandeling.
Samenwerking met andere ziekenhuizen
Voor de behandeling van Multipel myeloom - ziekte van Kahler werken we samen met het AMC en Antoni van Leeuwenhoek ziekenhuis.

Over beenmergkanker

Beenmergkanker ofwel multipel myeloom is een aandoening waarbij er een kwaadaardige woekering van plasmacellen in het beenmerg is. Deze vorm van kanker treft vooral mensen boven de 60 jaar, maar kan ook op veel jeugdiger leeftijd voorkomen.

Plasmacellen

In het beenmerg van de mens bevinden zich stamcellen die verantwoordelijk zijn voor de bloedaanmaak. Een stamcel uit het beenmerg maakt drie verschillende soorten bloedcellen:

  • rode bloedcellen (erytrocyten): deze zijn nodig voor transport van zuurstof door het lichaam
  • bloedplaatjes (trombocyten): deze dragen bij aan de bloedstolling en korstvorming
  • witte bloedcellen (leukocyten): deze zorgen voor de afweer

Plasmacellen, zoals bij multipel myeloom, ontstaan uit bepaalde witte bloedcellen, zogenaamde B-lymfocyten of B-cellen. Eenmaal uitgerijpt maken plasmacellen antistoffen aan (immuunglobulinen). Deze antistoffen zijn belangrijk voor onze afweer.

Woekering plasmacellen

Doordat bij multipel myeloom een overmaat (een 'kloon') van maar één soort plasmacellen ontstaat, wordt er meestal ook een overmaat van één soort antistoffen aangemaakt. Dit wordt een monoklonaal eiwit, M-proteïne genoemd. Een oudere naam die nog veel gebruikt wordt is 'paraproteïne'. Behalve dat het monoklonale eiwit in het bloed te zien is, kan een deel van dit eiwit ook in de urine worden aangetroffen. Dit wordt dan het Bence-Jones-eiwit genoemd.

De overmaat van dit ene type plasmacellen in het bloed en beenmerg kan verschillende symptomen geven: De kwaadaardige cellen in het beenmerg kunnen de gezonde cellen verdringen waardoor er bloedarmoede kan ontstaan en/of verhoogde gevoeligheid voor infecties. Het verhoogde eiwit kan de nieren beschadigen en het bloed stroperig maken waardoor mensen benauwd kunnen worden, minder goed kunnen zien en/of last krijgen van hoofdpijn. De kwaadaardige cellen kunnen het bot aantasten waardoor er botbreuken kunnen ontstaan en de hoeveelheid kalk in het bloed kan stijgen waardoor mensen uitdrogingsklachten kunnen krijgen.

Stap 1: Symptomen

Symptomen

Multipel myeloom - de ziekte van Kahler kan meerdere klachten of symptomen opleveren. De klachten hoeven niet allemaal tegelijk voor te komen. Herkent u één of meerdere van onderstaande symptomen? Dan kunt u na overleg met uw huisarts een verwijzing vragen naar OLVG.

Mogelijke klachten of symtomen:

  • vermoeidheid (door gebrek aan rode bloedcellen)
  • spontane bloedingen (door gebrek aan bloedplaatjes)
  • verhoogde vatbaarheid voor infecties (door gebrek aan normale witte bloedcellen en een afweerstoornis)
  • pijn in de botten
  • dorstgevoel
  • hoge bloeddruk en traagheid
  • doorbloedingsstoornissen: hierbij kunnen problemen zijn met zien, hoofdpijn en verminderde doorbloeding van de huid, oren, vingers en tenen
  • krachtverlies en tintelingen of andere gevoelsstoornissen in handen en voeten (polyneuropathie of zenuwpijn)

Stap 2: Afspraak

Afspraak bij de polikliniek

Stap 3: Onderzoek

Diagnose

De diagnose symptomatisch multipel myeloom wordt gesteld als...

  1. Er een ophoping van een kloon van plasmacellen wordt gevonden, meestal in het beenmerg of uit een botafwijking
  2. En er daarbij ook sprake is van één of meer van de volgende zaken die niet toegeschreven kunnen worden aan een andere ziekte:
    • een verhoogd kalk in het bloed of
    • nierfunctie-stoornissen of
    • bloedarmoede of
    • botafwijkingen

Soms wordt er wel een kloon van plasmacellen gevonden maar zijn er (nog) geen symptomen aanwezig. Dit heet een smouldering of asymptomatisch multipel myeloom. Afhankelijk van een aantal criteria kan ingeschat worden of het risico om op korte termijn symptomen te ontwikkelen zo hoog is dat meteen met therapie begonnen moet worden of dat nog afgewacht kan worden.

Nuttige sites

 

Stap 5: Behandeling

Behandeling

Bij multipel myeloom - de ziekte van Kahler, zijn er meerdere behandelingen mogelijk of een combinatie hiervan. 

Meedoen aan wetenschappelijk onderzoek

Naar de ziekte van Kahler wordt veel wetenschappelijk onderzoek gedaan. Behandelingen vinden plaats in nationaal  (HOVON-studies) of internationaal onderzoeksverband  (EORTC-studies). In Nederland houdt de stichting Hemato-Oncologie voor Volwassenen Nederland (HOVON) zich bezig met het verbeteren en bevorderen van behandelmethoden van patiënten met een hematologische kwaadaardige ziekte, zoals de ziekte van Kahler, leukemie en lymfklierkanker.

EORTC staat voor Europese Organisatie voor Onderzoek.

Patiënten kunnen voor onderzoek uitgenodigd worden door de behandelende hematoloog en krijgen uitgebreide informatie. Meestal wordt in een dergelijke studie de beste behandeling van dat moment vergeleken met een nieuwe behandeling waar de artsen veel van verwachten, maar die nog niet aangetoond beter is. Om u in een dergelijke studie te behandelen moet u expliciet hier toestemming voor geven. Begeleiding van de onderzoeken vindt onder andere plaats door gespecialiseerde verpleegkundigen (research-verpleegkundigen).

De meest toegepaste behandelingen bij de ziekte van Kahler (multipel myeloom) zijn:

Chemotherapie

Een chemokuur of cytostaticakuur bestaat uit medicijnen die de kankercellen doden of niet verder laten groeien. Deze medicijnen krijgt een patiënt via een infuus of als pillen.

Hierbij wordt gekeken naar de leeftijd van de patient, andere ziektes die hij/zij heeft en de algehele conditie.

Patiënten jonger dan 65 jaar in goede conditie worden meestal behandeld met een combinatie chemo-medicijnen en dexamethason. Na een aantal kuren worden er stamcellen geoogst. Dit zijn de cellen in het beenmerg die zich nog tot alle verschillende soorten bloedcellen kunnen ontwikkelen. Daarna wordt de patiënt met zeer hoge dosis chemotherapie behandeld. Het doel is om zoveel mogelijk myeloomcellen te doden, iets wat onvoldoende lukt met gewone chemotherapie. Door de hoge dosis zullen de eigen (gezonde) beenmerg- en bloedcellen ook blijvend beschadigd raken. Door na de kuur de ingevroren stamcellen van de patient zelf terug te geven (autologe stamceltransplantatie), kan de bloedaanmaak toch weer goed op gang komen. De stamceltransplantatie zelf wordt niet in het OLVG gedaan: hiervoor gaat de patiënt kort naar het AMC en komt de dag na transplantatie weer terug in het OLVG.

In de Hovon-131 studie wordt bestudeerd of het toevoegen van immuuntherapie aan de chemotherapie de ziekte bij meer patienten weg krijgt en langer weghoudt.

Patiënten ouder dan 65 jaar krijgen doorgaans lichtere chemotherapie met een combinatie van bijvoorbeeld melfalan, prednison en bortezomib.

Radiotherapie (bestralen)

Door middel van straling met als doel de kankercellen te doden. Radiotherapie vindt niet plaats in het OLVG. Voor dit deel van de behandeling verwijzen we u door naar het AMC of AVL

Ondersteunende therapie:

  • Bloedtransfusie Bij een tekort aan rode bloedcellen kan bloedtransfusie nodig zijn.
  • Toedienen van bloedplaatjes Wanneer door de ziekte of de behandeling het bloedplaatjesaantal te laag wordt kan het nodig zijn deze toe te dienen.
  • Antibiotica of vaccinaties Om infecties tegen te gaan.
  • Botversterkende middelen om de kans op botbreuken te verminderen
  • Operatie Bij (dreigende) botbreuken.
  • Radiotherapie (bestraling) Bij (dreigende) botbreuken en tegen botpijnen.

Het komt regelmatig voor dat een combinatie van deze behandelingen nodig is.

Begeleiding tijdens behandeling

Tijdens de behandeling wordt u ondersteund door een multidisciplinair team. U kunt bijvoorbeeld hulp, advies en begeleiding krijgen bij vragen over lichaamsbeweging, voeding, pijnklachten, misselijkheid, psychisch welbevinden en seksualiteit.

Stap 6: Nazorg

Nazorg

Als de behandeling is afgerond volgt het traject van nazorg. U krijgt regelmatig  een afspraak bij uw specialist. Doel is het verloop van uw ziekte en mogelijke klachten te vervolgen. Afhankelijk van uw behandeling worden onderzoeken gedaan. In de nazorg is ook aandacht voor het dagelijks functioneren, werkhervatting, revalidatie en psychosociale problematiek.

Buiten OLVG kunt u ondersteuning krijgen bij

Inloophuizen

Centra voor revalidatie na kanker

 

Contact

Patiënten met kanker moeten tijdens hun behandeling op veel verschillende afdelingen binnen het ziekenhuis zijn voor onderzoeken en afspraken. De verpleegkundig specialist kan u helpen om vragen over het zorgpad en het behandeltraject te beantwoorden.