Inloggen met DigiD
Download de MijnOLVG-app in de App Store of Google Play Store of ga naar www.mijnolvg.nl. Log daarna eenvoudig in met uw DigiD.
Onderstaande informatie is afkomstig van Thuisarts.nl
De huidziekte van Bowen is een ruw plekje op je huid. Het heeft een andere kleur dan de rest van je huid. Bijvoorbeeld roze of rood.
Het komt door veel zonlicht op de huid. De plekjes zitten meestal op je gezicht, je handen of onderarmen. En boven op je hoofd als je kaal bent. Op deze plekken komt het vaakst zonlicht.
De huidziekte van Bowen komt vooral voor bij mensen van 70 jaar of ouder.
Bij de huidziekte van Bowen kan een plekje veranderen in een soort huidkanker: plaveiselcelkanker.
Je merkt dat er 1 of meer ruwe plekjes op je huid zitten:
De plekken zitten meestal op:
Dit zijn vaak plekken waar jarenlang veel zonlicht op is gekomen.
Soms zit de huidziekte van Bowen op de penis, de buitenste delen van de vagina of in de bilspleet.
De kans op de huidziekte van Bowen is groter:
Wat de behandeling is, hangt af van hoe zeker de huisarts is dat het de huidziekte van Bowen is:
Als de huisarts twijfelt of het de huidziekte van Bowen isSoms twijfelt de huisarts of je plekje wel de huidziekte van Bowen is. Om het zeker te weten, haalt de huisarts dan een klein stukje uit het plekje. Dit heet een biopt.
Dit gebeurt met een soort klein appelboortje. De huisarts stuurt het stukje huid daarna op voor onderzoek in het laboratorium.
Als het de huidziekte van Bowen is, haalt de huisarts het ruwe plekje weg. Dat kan op deze manieren:
Het plekje wegsnijdenJe krijgt eerst een prik die de huid verdooft. Dan snijdt de huisarts de plek weg. Vaak snijdt de huisarts ook een smal randje gezonde huid mee. Zo is de kans extra groot dat het plekje in één keer helemaal weg is. Het wondje wordt gehecht.
De huisarts stuurt het stukje huid op voor onderzoek in het laboratorium.
De huisarts gebruikt hiervoor een wattenstaafje. Dat doopt de huisarts in vloeibare stikstof en drukt dat op het plekje. Bevriezen kan ook met een pen of spray met stikstof. Dat geeft een brandend, prikkend gevoel.
Het plekje bevriest en er kan een blaar op komen. Die is na een paar dagen weer weg.
Je kunt een littekentje krijgen. Het plekje kan ook lichter of donkerder blijven. Vooral als je een donkere huid hebt.
De crème fluorouracil is een soort chemotherapie op de huid.
Je kunt deze crème zelf 2 keer per dag voorzichtig op de plekjes doen. Je moet dat 4 weken doen.
Was je handen goed na het insmeren.
Op de plekken waar de crème zit, reageert de huid heftig. Het lijkt dan alsof het veel erger wordt: De huid gaat jeuken en wordt roder of dikker. En er komen korstjes of zweertjes op.
Doe geen pleisters of verband over de plekjes die je insmeert.
Een paar weken nadat je gestopt bent met smeren, wordt de huid beter.
Je mag niet zwanger worden of zijn als je deze crème gebruikt. Door de crème kan je baby geboren worden met een handicap. Gebruik daarom een voorbehoedmiddel.
Ben je met de crème gestopt, blijf dan nog 3 maanden langer het voorbehoedmiddel gebruiken.
Als je borstvoeding geeft, mag je deze crème ook niet gebruiken.
Je huisarts bespreekt met je wat er mogelijk is en wat de voordelen en nadelen zijn. Samen beslissen jullie welke behandeling het beste is voor jou. Dit hangt bijvoorbeeld af van waar het ruwe plekje zit en van wat je belangrijk vindt.
Soms behandeling in het ziekenhuisHeb je een grotere plek op je huid? Of zit er weinig rek in de huid van de ruwe plek? Of is de plek terug gekomen? Dan stuurt de huisarts je door naar de huid-arts (dermatoloog) in het ziekenhuis.
De huid-arts snijdt de plek weg. En maakt de wond dicht met een stukje huid van ergens anders op je lichaam. Bijvoorbeeld een stukje huid van achter je oor om een plek op je gezicht mee dicht te maken.
Na het wegsnijden wordt je plekje bekeken in het laboratorium. De huisarts vertelt je wat er in het laboratorium is gezien.
Na bevriezen of na de crème fluorouracil controleert de huisarts je huid na 3 maanden. Dan is goed te zien of het plekje weg is.
Is het plekje weg?Als het plekje weg is, hoef je niet meer op controle te komen.
Blijf zelf je huid goed controleren:
En bescherm je huid goed tegen de zon. Smeer je huid in met een zonnebrand-crème met factor 30 of 50.
Is het plekje niet weggegaan door bevriezen?Dan kan de huisarts het plekje nog een keer bevriezen met stikstof.
Of je kunt beginnen met de crème fluorouracil.
Dan stuurt de huisarts je door naar de huid-arts in het ziekenhuis.
De huid-arts kan je andere crèmes geven. Of een behandeling met een laser of licht op je huid.
Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen? Stel uw vraag aan de polikliniek via MijnOLVG. Op werkdagen kunt u ook bellen.
Polikliniek Dermatologie, locatie Oost, P1
020 510 86 84 (op werkdagen van 08.15 tot 16.15 uur)
Polikliniek Dermatologie, locatie West, route 16
020 510 86 84 (op werkdagen van 08.15 tot 16.15 uur)
Een deel van de informatie op deze pagina komt van Thuisarts.nl. Thuisarts.nl wordt gemaakt door het Nederlands Huisartsen Genootschap. De Federatie Medisch Specialisten, Patiëntenfederatie Nederland en Akwa GGZ werken mee aan Thuisarts.nl.