OLVG

Stimulatie van de tongzenuw bij slaapapneu : Nervus Hypoglossus Stimulatie of NHS 

Bij slaapapneu stopt de ademhaling tijdens de slaap. Dit komt doordat de tong vaak naar achteren zakt en de keel afsluit. Als andere behandelingen niet helpen, is soms een NHS-operatie mogelijk. De arts plaatst dan een apparaatje dat de tongzenuw stimuleert. De tong kan dan niet meer de keel afsluiten. U heeft dan minder kans op ademstops.

Over stimulatie van de tongzenuw NHS

Bij het stimuleren van de tongzenuw krijgt uw tong een klein elektrisch signaal tijdens het inademen. Dit is in het begin even wennen. Door het elektrisch signaal gaat de tong iets naar voren en blijft de keel open. U heeft dan minder ademstops. Voordat u gaat slapen, zet u de stimulator aan. Als u weer wakker bent, zet u de stimulator weer uit.  

Voor de operatie krijgt u de volgende onderzoeken:

  • Een slaaponderzoek 
  • Een onderzoek van de keel tijdens lichte slaap. Dit heet een slaapendoscopie  

Uw arts bespreekt daarna de mogelijkheden met u.  

De stimulator  

  • Als u voldoende hersteld bent, kunt u starten met het gebruik van de stimulator. Dit is meestal 6 tot 8 weken na de operatie.  
  • Als u de stimulator elke nacht gebruikt, heeft u minder last van ademstops tijdens het slapen. 
  • U heeft een litteken op de plek van de implantatie. Bij een stimulator in de borst ziet u rechts op uw borstkas een kleine bobbel.  

Behandelteam NHS 

Het behandelteam bestaat uit verschillende zorgverleners zoals KNO-arts, NHS-zorgcoördinator, physician assistant en anesthesioloog.  

Zorgcoördinator NHS  

De zorgcoördinator NHS is uw vaste contactpersoon. U kunt hier terecht voor begeleiding en advies en ook als u vragen heeft.  De zorgcoördinator heeft regelmatig contact met uw behandelend arts. U kunt contact opnemen met uw zorgcoördinator NHS via de polikliniek Slaapcentrum.  

Bij de behandeling van uw slaapapneu werken verschillende artsen en zorgverleners samen. U heeft 1 vaste contactpersoon. Dit is uw zorgcoördinator UAS.

Zo bereidt u zich voor

  • U vult een vragenlijst in via patiëntenportaal MijnOLVG als voorbereiding op uw behandeling of onderzoek. Daarna hoort u welke soort verdoving u krijgt.
    Meestal hoort u dit online via MijnOLVG. Heel soms is een telefonische afspraak of een bezoek aan de polikliniek Anesthesiologie nodig. Een medewerker van de afdeling Anesthesiologie neemt dan contact met u op.
    Kijk voor meer informatie op de verdoving: Verdoving bij een onderzoek of operatie. 
  • Gebruikt u bloedverdunners of andere medicijnen? Of bent u bent u allergisch voor bepaalde medicijnen of jodium? Geef dit dan aan via MijnOLVG. Doe dit zo snel mogelijk.
    Als u MijnOLVG niet gebruikt, overleg dan met uw arts.
    Stop nooit zomaar met het innemen van uw medicijnen. Bespreek dit altijd met uw arts.
  • Voor uw eigen veiligheid moet u voor uw behandeling of onderzoek nuchter zijn.  
    U krijgt hiervoor instructies van een medewerker van de afdeling Anesthesiologie.Voor meer informatie kunt u ook alvast kijken op de webpagina Verdoving bij een onderzoek of operatie. 
  • Als u na de operatie naar huis gaat, kunt u nog wat pijn hebben. Zorg daarom dat u voor de operatie paracetamol in huis heeft.  
  • Zorg dat iemand u komt ophalen na de operatie. 

De operatie

Er zijn 2 soorten stimulators. Uw arts bespreekt met u welk systeem voor u geschikt is.  

  1. Genio
    U krijgt een stimulator onder de kin.  
  2. Inspire  
    U krijgt een stimulator onder de huid van de borst. De stimulator werkt samen met een sensor die uw ademhaling meet. 

Genio

Bij het Genio systeem komt de stimulator onder de kin. U krijgt geen apparaat in de borst.  

  • De stimulator geeft bij elke inademing een signaal aan de tongzenuw. 
  • De tong beweegt iets naar voren. 
  • U plakt elke nacht een wegwerppatch onder de kin. 
  • Via een app op uw smartphone zet u het systeem aan en uit. 
  • Overdag haalt u de patch en het activeringsdeel weer weg. 

Voorbereiding op de operatie 

  • De operatie gebeurt onder narcose, meestal in Dagbehandeling.  
  • U krijgt vooraf een telefonische afspraak bij de polikliniek Anesthesiologie. 

De operatie 

  • De arts maakt een snee van ongeveer 7 cm onder de kin. 
  • De arts plaatst de elektrodes aan beide tongzenuwen. 

De operatie duurt 1 tot 2 uur.  

Adviezen voor thuis 

  • Meestal kunt u na enkele dagen tot een week uw werk weer doen. 
  • De wond kan nog enkele weken gevoelig of gezwollen zijn. Bij pijn kunt u paracetamol gebruiken. Gebruik maximaal 4 keer per dag 2 tabletten paracetamol van 500 mg. Doe dit maximaal 7 dagen. 
  • De wond mag niet nat worden. Douche voorzichtig. 
  • Nadat de wond geheeld is, masseert u de hals elke dag, zodat de hals soepel wordt. 
  • Gebruik bij zonlicht zonnecrème factor 50 op het litteken. 
  • U kunt CPAP of een MRA blijven gebruiken tot de stimulator wordt geactiveerd. 

Inspire

Bij een Inspire implantaat krijgt u een stimulator onder de huid van de borst. De stimulator werkt samen met een sensor die uw ademhaling meet. 

  • Een ademhalingssensor meet uw ademhaling. 
  • De stimulator stuurt een signaal naar de tongzenuw. 
  • De tong beweegt naar voren bij het inademen. 
  • U zet het systeem aan en uit met een afstandsbediening. 

Voorbereiding op de operatie 

Verwijder eventueel lichaamshaar op de borst en uw hals. 

De operatie 

  • De operatie gebeurt onder narcose meestal in dagbehandeling. 
  • De arts maakt: 
    -
    een snee van ongeveer 6 cm in de hals 
    - een snee van ongeveer 8 cm in de borst 
  • De arts plaatst de stimulatie elektrode in uw hals en de ademhalingssensor in uw borst.

De operatie duurt 1 tot 2 uur.  

Adviezen voor thuis 

  • Als u een CPAP, MRA of SPT voor uw slaapapneu heeft, gebruikt u deze tot u stimulator gaat gebruiken.  
  • Doe het de eerste weken rustig aan. 
  • Wees de eerste week na de operatie voorzichtig met douchen. De wondjes mogen niet nat worden. 
  • Niet zwaar tillen of intensief sporten tot 4 weken na de operatie. 
  • De wond kan nog enkele weken gevoelig of gezwollen zijn. Bij pijn kunt u paracetamol gebruiken. Gebruik maximaal 4 keer per dag 2 tabletten paracetamol van 500 mg. Doe dit maximaal 7 dagen. 
  • Na 4 weken kunt u al uw gewone activiteiten weer oppakken. 
  • Gebruik bij zonlicht zonnecrème factor 50 op het litteken. 
  • Om uw nek soepel te houden, beweegt u iedere dag rustig uw hoofd van links naar rechts. Zodra de wond geheeld is masseert u de hals elke dag. 
  • De eerste 2 weken na de operatie mag u niet zwaar tillen. Ook kunt u uw arm niet boven uw hoofd strekken. 
  • U kunt CPAP of een MRA blijven gebruiken tot de stimulator wordt geactiveerd. 

Opleiden zorgverleners in OLVG

OLVG biedt kansen aan de zorgverleners van de toekomst. Nieuwe zorgverleners zijn hard nodig.
Arts-assistenten, zorgverleners en zorgverleners in opleiding kijken mee en doen zelf onderzoeken en behandelingen.  Dit gebeurt altijd onder verantwoordelijkheid van een zorgverlener met ervaring.
Zo kan OLVG patiënten ook in de toekomst de juiste zorg blijven bieden.

Uitstel van uw operatie of behandeling

Heel soms gebeurt het dat uw operatie of uw behandeling niet kan doorgaan.
Bijvoorbeeld door een onverwachte situatie. Of als een andere patiënt spoedeisende hulp nodig heeft. U krijgt dan zo snel mogelijk een nieuwe afspraak.

Na de operatie

  • U gaat naar de uitslaapkamer om wakker te worden. De uitslaapkamer heet Recovery. De zorgverleners controleren uw hartslag, bloeddruk en ademhaling. Als het nodig is, krijgt u medicijnen tegen de pijn. Als de controles goed zijn, brengt een verpleegkundige u naar de verpleegafdeling. 
  • U blijft nog enkele uren in het ziekenhuis. 
  • U mag weer eten en drinken. 
  • Na de operatie krijgt u nog 1 röntgenfoto van uw borst en hals.  
  • Als u zich goed voelt, mag u naar huis. Zelf autorijden, fietsen of reizen met het openbaar vervoer raden wij af. Vraag of iemand u naar huis brengt. 

Vervolgafspraken

  • Na 1 week: telefonische controle met de arts. 
  • Na ongeveer 4 weken: telefonisch contact met de zorgcoördinator NHS. 
  • Na 6 tot 8 weken na de operatie: activatie van de stimulator. 
  • Daarna begeleiding door de zorgcoördinator en controle met slaaponderzoeken. 

Wanneer moet u ons bellen?

Iedere operatie heeft risico’s. Bij deze operatie bestaat een kleine kans op een ontsteking of bloeding. Bel meteen met het Slaapcentrum als u 1 of meer van deze klachten heeft:

  • U heeft meer dan 38,5 graden koorts.
  • U heeft een zwelling van uw hals.
  • U denkt dat uw wond ontstoken is. De wond is rood en warm of de plek om de wond is dik. Er kan ook pus uit de wond komen. Als u twijfelt, bel dan met de polikliniek.

Contact

Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen? Stel uw vraag aan de afdeling via MijnOLVG. Op werkdagen kunt u ook bellen.

Slaapcentrum, locatie West, route 4
020 510 87 47 (op werkdagen van 08.15 tot 16.15 uur)

Polikliniek Keel-, Neus- en Oorheelkunde (KNO), locatie West, route 12
020 510 88 94 (op werkdagen van 08.15 tot 16.15 uur)

De informatie op deze pagina is afkomstig van de afdeling Slaapcentrum van OLVG. Laatst gewijzigd: