AC-luxatie : sleutelbeen uit de kom van het schouderblad

Het AC-gewricht zit tussen het sleutelbeen en het schouderblad. Bij een AC-luxatie is het einde van het sleutelbeen uit de kom. Meestal gebeurt dit door een val op de schouder. Na een AC-luxatie heeft u pijn aan de bovenkant van de schouder. Ook is er vaak een bobbel te zien. Hoe goed en snel u herstelt, hangt af van hoeveel schade er is. Vaak kan een AC-luxatie zonder operatie worden behandeld.

Over de AC-luxatie

AC-luxatie is de afkorting van acromioclaviculaire luxatie. Luxatie betekent: uit de kom. De AC-luxatie is goed te zien: het uiteinde van het sleutelbeen (clavicula) staat hoger dan de top van het schouderblad (acromion).
Een AC-luxatie komt vaak voor bij jonge, actieve mensen. Bijvoorbeeld door een val op de schouder. 

  • Na een AC-luxatie is er vaak een zwelling aan de bovenkant van de schouder.
  • Bewegen doet pijn. Ook doet het pijn om de arm te laten hangen. Vaak moet u de arm van de pijnlijk schouder ondersteunen met de andere hand, om de pijn te verminderen.
  • Als er door de AC-luxatie veel schade is aan het gewricht, heeft u misschien een operatie nodig. De arts bespreekt met u welke behandeling het beste bij uw klachten past.

Behandeling van een AC-luxatie met fysiotherapie

Meestal kan een AC-luxatie zonder operatie worden behandeld. U neemt dan eerst rust, zodat het gewricht kan herstellen. Na 1 tot 2 weken start u met oefeningen.

Het is belangrijk dat u de spieren van het schouderblad goed traint. Wij adviseren u daarom met fysiotherapie te starten.
U kunt zelf kiezen bij welke fysiotherapeut u in behandeling gaat. Kies bij voorkeur een fysiotherapeut die gespecialiseerd is in de schouder.

Als u fysiotherapie heeft, kunt u uw schouder na 3 tot 4 maanden weer normaal gebruiken. Wel kan uw schouder dik blijven.

Oefeningen

Oefening 1
Ga iets gebukt voorover staan.
Maak kleine cirkelbewegingen met de elleboog. Dit heet een pendelbeweging.

Oefening 2
Ga iets gebukt voorover staan.
Laat uw arm gestrekt naar beneden hangen.
Maak kleine cirkelbewegingen linksom en rechtsom.

Behandeling van een AC-luxatie met een operatie

Als de banden van het AC-gewricht en het sleutelbeen zwaar beschadigd zijn, kan een operatie nodig zijn. Dat geldt vooral voor sporters, heel actieve mensen of mensen die iedere dag zwaar werk doen.

Zo bereidt u zich voor

  • U vult een vragenlijst in via patiëntenportaal MijnOLVG als voorbereiding op uw behandeling of onderzoek. Daarna hoort u welke soort verdoving u krijgt.
    Meestal hoort u dit online via MijnOLVG. Heel soms is een telefonische afspraak of een bezoek aan de polikliniek Anesthesiologie nodig. Een medewerker van de afdeling Anesthesiologie neemt dan contact met u op.
    Kijk voor meer informatie op de webpagina: Verdoving.
  • Gebruikt u bloedverdunners of andere medicijnen? Of bent u bent u allergisch voor bepaalde medicijnen of jodium? Geef dit dan aan via MijnOLVG. Doe dit zo snel mogelijk.
    Als u MijnOLVG niet gebruikt, overleg dan met uw arts.
    Stop nooit zomaar met het innemen van uw medicijnen. Bespreek dit altijd met uw arts.
  • Voor uw eigen veiligheid moet u voor uw behandeling of onderzoek nuchter zijn.
    U krijgt hiervoor instructies van een medewerker van de afdeling Anesthesiologie.
    Voor meer informatie kunt u ook alvast kijken op de webpagina Nuchter.
Rookt u? Voor uw herstel is het beter om te stoppen met roken rond de operatie.
Als u niet rookt heeft u minder kans op complicaties zoals een ontsteking.
Stop als het kan 4 weken voor uw operatie met roken.
Rook niet tot minstens 4 weken na de operatie.
Kijk voor meer informatie op de webpagina: Roken en een operatie.

De operatie

Bij de operatie van een AC-luxatie brengt de arts het sleutelbeen weer op de hoogte van het schouderblad. De arts kan u op verschillende manieren opereren. De arts gebruikt bijvoorbeeld een kunststof band, een metalen plaat of een pees uit uw bovenbeen om het sleutelbeen vast te zetten. De arts bespreekt met u welke manier het beste bij uw klachten past.

De arts opereert u via een snee aan de voorkant van de schouder of via een kijkoperatie.

  • De operatie duurt ongeveer 60 tot 90 minuten.
  • De arts zet het sleutelbeen weer op de juiste plek vast.
  • Soms moet de arts een klein stukje van het sleutelbeen verwijderen tijdens de operatie.
  • Als voor het vastzetten van uw sleutelbeen een pees nodig is, haalt de arts tijdens de operatie een pees uit de hamstring, de achterkant van uw bovenbeen. Uw been herstelt snel na de operatie.
  • Tijdens de operatie krijgt u een röntgenfoto om te kijken of het sleutelbeen en het AC-gewricht weer op de goede plaats staan.

Na de operatie

  • Als u zich goed voelt, kunt u na uw behandeling of onderzoek meteen naar huis. Zelf autorijden, fietsen of reizen met het openbaar vervoer raden wij af. Vraag of iemand u met de auto naar huis brengt.
  • U krijgt na de operatie een ondersteunende band voor uw schouder. U houdt deze band 2 weken.
  • Als voor het vastzetten van uw sleutelbeen een pees nodig is, dan heeft uw bovenbeen tijd nodig om te herstellen. Loop daarom de eerste dagen met krukken.
  • Neem zelf krukken mee naar het ziekenhuis. U kunt ook krukken huren of lenen. Vraag bij een thuiszorgorganisatie of bij uw zorgverzekeraar naar de mogelijkheden.

Herstel na de operatie

  • Na 2 weken komt u terug voor controle op de polikliniek Traumachirurgie.
  • Ongeveer 2 weken na de operatie begint u met oefenen. Dit doet u onder begeleiding van een fysiotherapeut bij u in de buurt.  
  • U kunt zelf kiezen bij welke fysiotherapeut u in behandeling gaat. Wij adviseren een fysiotherapeut te kiezen die gespecialiseerd is in problemen van de schouder.
  • Na 3 tot 4 maanden komt u terug op de polikliniek om te controleren of u uw schouder weer goed kunt gebruiken.

Adviezen voor thuis

Doe het de eerste tijd rustig aan. Vraag eventueel een naaste om u te helpen.
Na ongeveer 6 weken mag u uw schouder weer bewegen. Het kan zeker 3 tot 4 maanden duren tot u weer alles mag doen.

Wanneer moet u ons bellen?

  • U heeft langer dan 3 dagen pijn of pijn die steeds erger wordt.

Bel na een operatie ook bij deze klachten:

  • Als u denkt dat de wond ontstoken is: de wond is rood en warm, ook kan de plek rond de wond gezwollen zijn.
  • U heeft meer dan 38,5 graden koorts.
  • De wond gaat plotseling open.
  • De wond lekt pus of vocht: de wond hoort na 3 dagen dicht en droog te zijn.
  • De pijn in de wond wordt plotseling erger.
  • De wond gaat plotseling bloeden. Start eerst zelf met 10 minuten op de wond te drukken zonder stoppen. Gebruik voor het drukken op de wond bijvoorbeeld een steriel gaas of een schone, gestreken theedoek of zakdoek. Bel OLVG als het bloeden niet stopt.

Contact

Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen? Stel uw vraag aan de afdeling via MijnOLVG of per e-mail. Op werkdagen kunt u ook bellen.

Polikliniek Traumachirurgie, locatie Oost, P3
020 510 88 79 (op werkdagen van 08.15 tot 16.15 uur)

Polikliniek Traumachirurgie, locatie West, route 6
020 510 88 79 (op werkdagen van 08.15 tot 16.15 uur)

 

Als de afdeling niet bereikbaar is, belt u met klachten die echt niet kunnen wachten naar de Spoedeisende Hulp via het algemene telefoonnummer van OLVG.

OLVG, locatie Oost
020 599 91 11

OLVG, locatie West
020 510 89 11

Is de situatie levensbedreigend, bel dan 112.

De informatie op deze pagina is afkomstig van de afdeling Traumachirurgie van OLVG. Laatst gewijzigd: