Inloggen met DigiD
Download de MijnOLVG-app in de App Store of Google Play Store of ga naar www.mijnolvg.nl. Log daarna eenvoudig in met uw DigiD.
Deze tekst is gemaakt door het Stroke Netwerk Groot-Amsterdam. In dit netwerk werken ziekenhuizen, VVT-organisaties, een revalidatiecentrum en andere zorgpartners uit de regio msterdam en de Zaanstreek samen
Bij een herseninfarct krijgt een deel van de hersenen geen bloed meer. Dat komt meestal door een bloedprop (embolie) uit het hart of de halsslagader. Soms ontstaat de verstopping door een stolsel in de hersenen zelf, bijvoorbeeld door aderverkalking.
Door het verstopte bloedvat krijgt dat deel van de hersenen geen zuurstof en geen voeding. Blijft het bloedvat langer dan een paar minuten dicht? Dan kunnen de hersenen beschadigen.
De klachten verschillen per persoon. Het hangt af van hoe ernstig het infarct is en van de plaats van de schade in de hersenen.
Mogelijke signalen zijn:
Trombolyse is een behandeling waarbij wordt geprobeerd het verstopte bloedvat weer open te maken. Er wordt via een infuus een sterke bloedverdunner toegediend. Dit medicijn heet Alteplase of Tenecteplase. De bloedverdunner lost de bloedprop op, zodat
het bloed weer kan stromen. Zo proberen we de schade aan de hersenen te beperken.
Trombolyse werkt goed, maar er zijn ook risico’s. Omdat er een sterke bloedverdunner wordt gebruikt, kan er een bloeding ontstaan. Meestal is dat een kleine bloeding, bijvoorbeeld een blauwe plek. Soms ontstaat er een bloeding in de hersenen. Dat komt gelukkig weinig voor.
Andere bijwerkingen kunnen zijn: koorts, misselijkheid of
overgeven.
Niet iedereen kan deze behandeling krijgen. Slechts 1 op de 3 drie mensen met een herseninfarct komt ervoor in aanmerking. Op de Spoedeisende Hulp beslist de neuroloog of trombolyse mogelijk is. Dat hangt onder andere af van:
Hoe sneller de behandeling kan worden gestart, hoe beter het effect. Als het langer dan 4 uur geleden is dat de eerste klachten zijn opgetreden zijn er aanvullende scans nodig om te kijken of de trombolyse kan worden uitgevoerd.
De behandeling start meestal op de Spoedeisende Hulp. Daar krijgt u een infuus en wordt de bloedverdunner toegediend.
Hoeveel u daarvan krijgt, hangt af van uw gewicht.
Na de behandeling gaat u naar de Brain Care Unit (BCU) van de afdeling Neurologie. In sommige gevallen gaat u naar de Intensive Care. Op de BCU controleren we u goed, onder andere:
De verpleegkundigen houden de arts steeds op de hoogte.
Het herstel verschilt per persoon. Het medicijn werkt het meest in de eerste 24 uur, maar ook daarna kunt u verder herstellen. De meeste mensen herstellen het meest in de eerste 3 maanden. Daarna kunnen klachten soms nog verder verbeteren..
Tijdens uw opname krijgt u veel informatie van de arts, verpleegkundigen en therapeuten.
Heeft u vragen? Stel ze aan de verpleegkundige of arts. Schrijf uw vragen op, zodat u ze niet vergeet. U kunt ook vragen of u een gesprek mag opnemen met uw telefoon.
Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen? Stel uw vraag aan de afdeling via MijnOLVG. Op werkdagen kunt u ook bellen.