Knieschijf gebroken : patella fractuur

Door een ongeluk of een harde klap tegen de knieschijf kan de knieschijf breken. De knie doet vaak meteen pijn en wordt dik. Vaak kunt u dan uw knie niet meer strekken. Bij een gebroken knieschijf kunt u gips, een spalk of een brace krijgen. Soms is een operatie nodig. De arts bespreekt met u welke behandeling het beste past bij uw klachten.

Over een gebroken knieschijf

Bij een ongeluk, val of harde klap tegen de knieschijf kan de knieschijf breken. U kunt dan de knie niet goed buigen en strekken.
De knie bestaat uit 3 botten: het bovenbeen, het onderbeen en de knieschijf. De knieschijf zit met pezen vast aan het bovenbeen en het onderbeen. De knieschijf is belangrijk voor het buigen en strekken van de knie.

Mogelijke behandelingen

Als u uw been nog wel kunt strekken, krijgt u een behandeling zonder operatie.
Vaak gaan de stukken bot van de knieschijf uit elkaar staan. U kunt uw been dan niet meer strekken. Er is een operatie nodig om de stukken bot weer aan elkaar te zetten.
U krijgt dan gips of een brace.
De arts bespreekt met u welke behandeling het beste bij uw klachten past.

Bekijk hieronder het filmpje over het behandelplan:

Deze inhoud kan vanwege de huidige cookie-instellingen niet weergegeven worden.

Om deze inhoud te kunnen zien, verander je cookie-instellingen.

Behandeling zonder operatie

  • Op de Spoedeisende Hulp krijgt u een spalk. Deze spalk draagt u 1 week. U mag niet lopen, wel staan. Houd uw been de eerste week zoveel mogelijk hoog.
  • Na 1 week heeft u een afspraak op de Gipskamer. U krijgt dan gips of een scharnierbrace. Een scharnierbrace is een speciale brace voor uw knie. U draagt het gips of de brace 5 weken.
  • Als u gips of een brace heeft mag u gewoon uw been gebruiken.
  • Na 5 weken heeft u een afspraak op de Gipskamer. Het gips of de brace mag dan af. We maken een röntgenfoto van uw knie om te kijken of de botten goed aan elkaar zijn gegroeid. De arts belt u om de uitslag te geven.
  • Als uw gips of brace af is, kunt u starten met fysiotherapie.

Behandeling met operatie

  • Op de Spoedeisende Hulp heeft u een spalk of gips gekregen. U draagt de spalk of het gips tot uw operatie.
  • U krijgt meestal binnen 2 weken na de breuk een operatie.

Zo bereidt u zich voor op de operatie

  • U vult een vragenlijst in via patiëntenportaal MijnOLVG als voorbereiding op uw behandeling of onderzoek. Daarna hoort u welke soort verdoving u krijgt.
    Meestal hoort u dit online via MijnOLVG. Heel soms is een telefonische afspraak of een bezoek aan de polikliniek Anesthesiologie nodig. Een medewerker van de afdeling Anesthesiologie neemt dan contact met u op.
    Kijk voor meer informatie op de webpagina: Verdoving.
  • Gebruikt u bloedverdunners of andere medicijnen? Of bent u bent u allergisch voor bepaalde medicijnen of jodium? Geef dit dan aan via MijnOLVG. Doe dit zo snel mogelijk.
    Als u MijnOLVG niet gebruikt, overleg dan met uw arts.
    Stop nooit zomaar met het innemen van uw medicijnen. Bespreek dit altijd met uw arts.
  • Voor uw eigen veiligheid moet u voor uw behandeling of onderzoek nuchter zijn.
    U krijgt hiervoor instructies van een medewerker van de afdeling Anesthesiologie.
    Voor meer informatie kunt u ook alvast kijken op de webpagina Nuchter.
Rookt u? Voor uw herstel is het beter om te stoppen met roken rond de operatie.
Als u niet rookt heeft u minder kans op complicaties zoals een ontsteking.
Stop als het kan 4 weken voor uw operatie met roken.
Rook niet tot minstens 4 weken na de operatie.
Kijk voor meer informatie op de webpagina: Roken en een operatie.

De operatie

Bij een operatie aan de knieschijf zet de arts de delen van uw knieschijf vast met een metalen vlechtdraad. Hiervoor maakt de arts een snee aan de voorkant van uw knie. Soms krijgt u ook schroeven in uw knie.

Na de operatie

  • Na de operatie krijgt u een spalk. U draagt de spalk 2 weken. U mag dan niet op uw been staan of lopen.
  • 2 weken na de operatie kunt u beginnen met fysiotherapie. U oefent dan zonder op uw been te staan of lopen.
  • 8 weken na de operatie komt u naar het ziekenhuis om een röntgenfoto te laten maken. De arts belt u voor de uitslag.
  • Het herstel van uw knieschijf kan 9 tot 12 maanden duren.
  • Na 2 weken mag u starten met fysiotherapie. U mag dan oefenen met uw knie. Ga alleen op uw been staan met de blauwe spalk in strekstand. Het bewegen kan een beetje pijn doen, maar mag niet teveel pijn doen.

Risico’s

Bij elke operatie zijn er risico’s. Bij een operatie voor een gebroken knieschijf heeft u een kleine kans op:

  • nabloeding en ontsteking
  • een doof gevoel rond de huid van de knie
  • het loslaten van de metalen pinnen
  • het niet goed willen vastgroeien van de breuk.

Het materiaal in uw knie kan gaan irriteren. Uw huid wordt dan vaak rood en pijnlijk. U kunt een ontsteking krijgen. Dit komt omdat de metalen pinnen net onder de huid liggen. Als u hier last van heeft en uw knie is beter, kunt u met arts bespreken om de pinnen te laten verwijderen. 

Trombose

  • Bij een operatie aan uw been is er een klein risico op diep veneuze trombose. Dit betekent dat een propje bloed vastzit in een ader.
  • Als u trombose heeft, zit het propje vaak in uw been. Het been wordt dan dik en pijnlijk.
  • Vaak schrijft de arts voor de operatie bloedverdunners voor. Hierdoor krijgt u geen diep veneuze trombose.

Adviezen voor thuis

Zwelling

  • Het is normaal dat uw knie dik wordt na de breuk of operatie.
  • Houd uw been hoog. Uw knie moet hoger liggen dan uw heup. Als u zit of ligt kunt u uw been bijvoorbeeld op een stoel of kussen leggen.

Pijnstilling

  • Uw arts adviseert u welke pijnstilling u kunt gebruiken. Soms heeft u geen pijnstilling nodig.
  • 1 tot 2 dagen na de breuk of operatie wordt de pijn minder.

Herstel

  • U moet de knie veel rust geven en zoveel mogelijk hoog houden.
  • Vaak duurt het herstel van de knie meer dan 6 weken. Na 6 weken kunt u uw knie weer redelijk goed gebruiken.
  • De meeste mensen kunnen hun knie na 3 tot 6 maanden weer helemaal gewoon gebruiken.
  • Start fysiotherapie 2 weken na de operatie. Als u geen operatie heeft gehad, begin dan 6 weken na de breuk met fysiotherapie.

Oefeningen voor herstel

Om uw been niet stijf te laten worden is het belangrijk dat u het been blijft bewegen. Let hierbij erop dat u de knie niet buigt. Houdt tijdens de oefeningen uw brace of spalk om uw knie. U kunt meteen beginnen met de oefeningen.

  • Probeer 5 tot 10 keer per dag de oefeningen te doen. Herhaal de oefeningen steeds 10 tot 15 keer.
  • Uw voet en enkel kunnen stijf voelen. Dit is normaal. Stop de oefeningen als u veel pijn heeft.
  • Soms kan uw voet dik worden na het oefenen. Houd de voet dan hoog.
  • Als u na het oefenen langer dan 10 minuten pijn heeft, dan heeft u teveel gedaan. Herhaal de stappen dan minder vaak bij uw volgende oefening.
  • Het is normaal dat u niet elke oefening meteen helemaal kunt doen. Probeer elke dag een klein stukje verder te komen.

Deze inhoud kan vanwege de huidige cookie-instellingen niet weergegeven worden.

Om deze inhoud te kunnen zien, verander je cookie-instellingen.

Wanneer moet u ons bellen?

Neem contact op met de polikliniek Chirurgie als u 1 of meer van de volgende klachten heeft:

  • Koorts boven 38,5 graden.
  • De wond blijft bloeden. Het is normaal als een wondje een beetje bloedt in de eerste 3 dagen na operatie. 
  • U denkt dat de wond ontstoken is. De wond is dan rood en warm. De plek rond de wond is dik. Er kan ook pus uit de wond komen.
  • Uw tenen tintelen, worden dik of kleuren paarsblauw. Het helpt niet om uw been hoog te houden.
  • U kunt uw tenen niet of niet goed bewegen en ze voelen doof aan.
  • U heeft te veel pijn: de pijnstilling werkt niet.
  • Na een val of verkeerde beweging heeft u opnieuw pijn op de plek van de operatie.

Contact

Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen? Stel uw vraag aan de polikliniek via MijnOLVG of per e-mail. Op werkdagen kunt u ook bellen.

Polikliniek Traumachirurgie, locatie West, route 6
020 510 88 79 (op werkdagen van 08.15 tot 16.15 uur)

Polikliniek Traumachirurgie, locatie Oost, P3
020 510 88 79 (op werkdagen van 08.15 tot 16.15 uur)

Gipskamer, locatie West, route 6
020 510 80 28 (op werkdagen van 08.00 tot 16.15 uur)
gipskamer@olvg.nl

Gipskamer, locatie Oost, P3
020 599 29 63 (op werkdagen van 08.00 tot 16.15 uur)
gipskamer@olvg.nl

 

Als de polikliniek of gipskamer niet bereikbaar is, belt u met klachten die echt niet kunnen wachten naar de Spoedeisende Hulp via het algemene telefoonnummer van OLVG.

OLVG, locatie West
020 510 89 11

OLVG, locatie Oost
020 599 91 11

Is de situatie levensbedreigend, bel dan 112.

De informatie op deze pagina is afkomstig van de afdeling Traumachirurgie van OLVG. Laatst gewijzigd: