Katheter buikdialyse : plaatsen van een katheter in de buik

Voor een buikdialyse of peritoneaaldialyse is een katheter nodig. Via een kleine operatie plaatst de arts de katheter in de buikholte. U blijft 1 dag in het ziekenhuis. Ongeveer 2 weken na de operatie kunt u de katheter gebruiken voor dialyse.

Over de katheter

Tijdens de operatie krijgt u een kunststof slangetje in de buikholte. Dit slangetje heet: katheter. Via de katheter kan spoelvloeistof in en uit de buikholte lopen. De spoelvloeistof neemt afvalstoffen en vocht op vanuit het bloed.

Zo bereidt u zich voor

  • U vult een vragenlijst in via patiëntenportaal MijnOLVG als voorbereiding op uw behandeling of onderzoek. Daarna hoort u welke soort verdoving u krijgt.
    Meestal hoort u dit online via MijnOLVG. Heel soms is een telefonische afspraak of een bezoek aan de polikliniek Anesthesiologie nodig. Een medewerker van de afdeling Anesthesiologie neemt dan contact met u op.
    Kijk voor meer informatie op de webpagina: Verdoving.
  • Gebruikt u bloedverdunners of andere medicijnen? Of bent u bent u allergisch voor bepaalde medicijnen of jodium? Geef dit dan aan via MijnOLVG. Doe dit zo snel mogelijk.
    Als u MijnOLVG niet gebruikt, overleg dan met uw arts.
    Stop nooit zomaar met het innemen van uw medicijnen. Bespreek dit altijd met uw arts.
  • Voor uw eigen veiligheid moet u voor uw behandeling of onderzoek nuchter zijn.
    U krijgt hiervoor instructies van een medewerker van de afdeling Anesthesiologie.
    Voor meer informatie kunt u ook alvast kijken op de webpagina Nuchter.

Zo gaat de operatie

Tijdens een operatie brengt de arts de helft van de katheter in uw buikholte. De andere helft van 20 centimeter steekt uit uw lichaam. De plek waar de katheter uit de buik komt heet: de huidpoort. Na de operatie moet de katheter nog vastgroeien. Dit duurt meestal 2 weken.

Voor de operatie

De arts zet met een stift een kruisje op de buik waar de katheter komt.

De operatie

De arts plaatst de katheter in uw buik en maakt deze vast. De katheter kan dan niet meer verschuiven.

Na de operatie

Na de operatie brengt een verpleegkundige u naar de uitslaapkamer. Als u zich goed voelt gaat u naar de afdeling. Een verpleegkundige controleert of de vloeistof goed door de katheter kan lopen. U krijgt uitleg over het thuis verzorgen van de wond.

Naar huis

U blijft meestal 1 dag in het ziekenhuis. U mag nog niet zelf autorijden, fietsen of reizen met het openbaar vervoer. Vraag of iemand u met de auto naar huis brengt.

Adviezen voor thuis

  • Laat de katheter in het verband zitten.
  • Wacht met douchen of baden tot u toestemming hebt gekregen van uw arts.
  • Zo min mogelijk te tillen; geen zware dingen.
  • Draag geen strakke kleding.
  • Verzorg de huidpoort.

Zo gaat het verder

  • U krijgt u een afspraak voor controle op de afdeling Dialyse.
  • Totdat u mag starten met de buikdialyse, komt u elke week naar de afdeling dialyse voor een controle en het doorspoelen van de katheter. Dit gaat door tot u start met de peritoneale dialyse.
  • Na de operatie moet de katheter nog vastgroeien. Dit duurt meestal 2 weken. Hierna leren we hoe u de peritoneale dialyse thuis kunt doen. Hiervoor komt u 5 dagen elke ochtend naar de afdeling Dialyse.

Wanneer moet u ons bellen?

Iedere operaties heeft risico’s. Bel meteen de afdeling Dialyse als u 1 of meer van deze klachten heeft:

  • het verband bloedt door
  • meer dan 38,5 graden koorts
  • problemen met de katheter

Contact

Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen? Stel uw vraag aan de afdeling via MijnOLVG of per e-mail. Op werkdagen kunt u ook bellen.

Afdeling Dialyse, locatie West
020 510 83 90 (op werkdagen van 07.30 tot 16.00 uur)
dialyse.secretariaat@olvg.nl

Afdeling Dialyse, locatie Oost
020 599 24 87 (op werkdagen van 07.30 tot 16.00 uur)
dialyse.secretariaat@olvg.nl

Alleen met klachten die echt niet kunnen wachten belt u de Spoedeisende Hulp via het algemene telefoonnummer van OLVG.

OLVG, locatie Oost
020 599 91 11

OLVG, locatie West
020 510 89 11

Is de situatie levensbedreigend, bel dan 112.

De informatie op deze pagina is afkomstig van de afdeling Nierziekten van OLVG. Laatst gewijzigd: