Inloggen met DigiD
Download de MijnOLVG-app in de App Store of Google Play Store of ga naar www.mijnolvg.nl. Log daarna eenvoudig in met uw DigiD.
Sommige vormen van borstkanker zijn gevoelig voor hormonen. Het hormoon oestrogeen kan ervoor zorgen dat kankercellen groeien. Daarom kunt u medicijnen krijgen die de werking van deze hormonen tegenhouden of de aanmaak ervan verminderen. Dit noemen we anti-hormoontherapie.
Deze medicijnen werken in het hele lichaam. Ze zorgen ervoor dat kankercellen weinig of geen oestrogeen krijgen. Hierdoor kunnen de kankercellen minder goed groeien.
Het doel van de behandeling hangt af van uw persoonlijke situatie. Anti-hormoontherapie kan worden gegeven om:
Na de borstoperatie kunt u anti-hormoontherapie krijgen om ervoor te zorgen dat de kans dat de kanker terugkomt of uitzaait kleiner wordt. U krijgt dan 5 tot 10 jaar lang anti-hormoontherapie.
U kunt anti-hormoontherapie voor of na een borstoperatie krijgen:
Als de kanker niet meer te genezen is, kunt u ook anti-hormoontherapie krijgen. Anti-hormoontherapie zorgt er dan voor dat de kanker minder hard groeit. Ook kan anti-hormoontherapie ervoor zorgen dat u minder klachten krijgt.
Anti-hormoontherapie kan bijwerkingen geven die lijken op overgangsklachten. Als als u in de overgang bent geweest, kunt u deze klachten opnieuw krijgen. Welke bijwerkingen u krijgt en hoeveel last u ervan heeft, verschilt per persoon en per medicijn.
De meeste bijwerkingen worden in de eerste maanden van de behandeling minder. Soms verdwijnen ze helemaal.
Veelvoorkomende bijwerkingen zijn:
Kort na de start van de behandeling kunt u ook last krijgen van:
Naast bijwerkingen zijn er ook enkele risico's verbonden aan anti-hormoontherapie zoals trombose, baarmoederkanker of osteoporose. Deze komen weinig voor.
Bij trombose ontstaat een bloedstolsel in een bloedvat. Hierdoor kan een bloedvat gedeeltelijk of helemaal verstopt raken. Mogelijke klachten zijn:
Heeft u 1 of meer van deze klachten? Neem dan contact op met uw verpleegkundig specialist of oncoloog.
Bij sommige vormen van anti-hormoontherapie is er een kleine kans op baarmoederkanker.
Een mogelijk eerste signaal is onverwacht bloedverlies uit de vagina, bijvoorbeeld:
Heeft u dit soort klachten? Neem dan contact op met uw verpleegkundig specialist of oncoloog.
Sommige soorten anti-hormoontherapie vergroten de kans op osteoporose. Dit heet ook wel botontkalking.
Bij osteoporose worden de botten zwakker doordat er meer bot wordt afgebroken dan aangemaakt. Hierdoor neemt de kans op een botbreuk toe.
Als u een medicijn gebruikt dat het risico op osteoporose verhoogt, dan worden uw botten regelmatig gecontroleerd in het ziekenhuis.
Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen? Stel uw vraag aan de polikliniek via MijnOLVG. Op werkdagen kunt u ook bellen.
Polikliniek Medische Oncologie en Hematologie, locatie Oost, P2
020 510 88 78 (op werkdagen van 08.15 tot 16.15 uur)
Polikliniek Medische Oncologie en Hematologie, locatie West, route 14
020 510 88 78 (op werkdagen van 08.15 tot 16.15 uur)