Aandoeningen & behandelingen

RS-virusu kunt hiervoor terecht bij Kindergeneeskunde

Het RS-virus staat voor Respiratoir Syncytieel virus. Het virus komt over de hele wereld voor, met name in landen met een gemengd klimaat. Jaarlijks treden er van oktober/november tot en met februari/maart epidemieën op. Bijna alle kinderen maken in hun eerste twee levensjaren een RS-infectie door.

Het virus kan soms enkel een lichte verkoudheid geven, maar ook een bovenste/onderste luchtweginfectie, bronchitis, longontsteking en/of oorontsteking veroorzaken. Slechts een kleine groep kinderen met het virus moet worden opgenomen in het ziekenhuis.

Hoe ontstaat het?

De besmetting gebeurt via druppels op bijvoorbeeld handen of speelgoed en door hoesten, via een snotneus van een volwassene of kind.

Klachten

Vaak beperken de ziekteverschijnselen zich tot neusverkoudheid, hoesten, benauwdheid, oorontsteking en meestal koorts. Kinderen die te vroeg geboren zijn of kinderen met een hartafwijking kunnen meer last hebben van het RS-virus. Slechts 2 procent van de kinderen met het virus hoeft in het ziekenhuis te worden opgenomen.

Behandeling

De behandeling in het ziekenhuis is met name ondersteunend, gericht op de ademhaling en voldoende vochtinname.

Vragen & contact

Heeft u vragen of wilt u een afspraak maken? Neem dan contact op met de afdeling Kindergeneeskunde.