Overzicht nieuws
Uitgelicht | Dinsdag 27 februari 2018

Bekkenbodemcentrum OLVG introduceert keuzehulpen prolaps

Mensen met een verzakking (prolaps) van blaas, baarmoeder en/of endeldarm krijgen nog beter inzicht in de diverse behandelingen. Het Bekkenbodemcentrum OLVG start 5 maart met een pilot met twee digitale keuzehulpen: de eerste keuzehulp geeft inzicht in de behandelopties; de tweede helpt bij het kiezen van een specifieke operatie.

Een prolaps kan optreden na bijvoorbeeld een bevalling of tijdens de overgang en kan op verschillende manieren behandeld worden; Met bekkenbodemfysiotherapie, pessarium of een operatie. De eerste keuzehulp biedt inzicht in alle behandelopties met de bijbehorende voor- en nadelen. Als voor een operatie gekozen wordt, kan de patiënt de tweede keuzehulp gebruiken om een keuze te maken uit verschillende soorten operaties: baarmoeder of vaginatop ophangen, weghalen van de baarmoeder of het inkorten van de baarmoedermond. Aan de hand van enkele vragen kunnen zij vervolgens – in overleg met de specialist van het Bekkenbodemcentrum – een weloverwogen keuze maken.

Thuis in alle rust  

Keuzehulpen worden in Nederland steeds vaker ingezet als hulpmiddel bij het nemen van een beslissing over een medische behandeling. Gynaecoloog Celine Radder van het Bekkenbodemcentrum is blij met deze keuzehulpen voor mensen met een prolaps: ‘We weten binnen het Bekkenbodemcentrum als geen ander dat bekkenbodemklachten zeer persoonlijk en privé zijn. Ze frustreren en maken vaak onzeker. De keuzehulpen bieden de patiënten de mogelijkheid om thuis in alle rust de juiste afweging te maken want erover praten én weten dat er iets aan te doen is, maakt al een wereld van verschil.’

Evaluatie

OLVG gebruikt op dit moment al drie gynaecologische keuzehulpen van PATIENT+: een keuzehulp bij vleesbomen, hevig bloedverlies tijdens de menstruatie en bij het verwijderen van de baarmoeder. Komend jaar wordt geëvalueerd of patiënten meer tevreden zijn over hun behandeling bij OLVG door de keuzehulp. Ook de keuzehulpen prolaps worden meegenomen in deze evaluatie.

Betrokken zorgverleners en afdelingen