Home

Meer lezen: subsidies 2020

1. Measurement of mitochondrial PO2 to optimize treatment of low cardiac output syndrome following cardiac surgery door prof. dr. N.P.  Juffermans 

Na het ondergaan van een hart- of longoperatie, worden patiënten standaard opgenomen op de Intensive Care. Ongeveer 20-30% van de patiënten heeft na de operatie een te lage bloedsomloop, waardoor  de doorbloeding van de organen tekortschiet. De bloedsomloop kan worden vergroot door toediening van vloeistof, bloedtransfusie of medicijnen die de hartfunctie verbeteren. Het is echter niet bekend wat de optimale uitkomstmaat is. Er zijn tot nu toe alleen indirecte uitkomstmaten van een adequate bloedsomloop.

Recent is er nieuwe technologie die de zuurstofgehalte in de cel kan meten: de mitoPO2. Dit project gaat deze meting valideren, dat wil zeggen: de waarden afzetten tegen conventioneel gebruikte uitkomstmaten. Resultaten zullen worden gebruikt om in de toekomst een algoritme te ontwikkelen om met behulp van mitoPO2 metingen de bloedsomloop te optimaliseren in patiënten na hartchirurgie.

2. 3D echografisch onderzoek van de kuit bij klompvoeten door drs. M. Koolen

In Nederland worden elk jaar ongeveer 200 kinderen geboren met een of twee klompvoeten. Bij een klompvoet zijn de pezen en spieren in het onderbeen anders aangelegd en heeft de voet altijd de volgende vier afwijkingen: holvoet (cavus), banaanvorm (adductus), kanteling (varus) en spits (equinus). Een verwaarloosde klompvoet kan een enorme fysieke, sociale, psychologische en financiële belasting veroorzaken voor het kind, zijn familie en de gemeenschap.

De oorzaak van een klompvoet is nog onbekend en er is geen instrument om de algemene behandeling te evalueren die bestaat uit herhaalde gips- en brace-behandelingen. Met een recent ontwikkelde 3D echo kunnen het spiervolume, de doorsnede en de spier- en peeslengte van de kuitspier worden gemeten. Het doel van dit onderzoek is dus om te kijken of we met de 3D echo ook de spieren van de onderste extremiteit bij kinderen met een klompvoet kunnen evalueren en zo meer kennis kunnen krijgen over de etiologie en de prognose ervan.

3. Immunological, Mental and Physical After-effects of COVID-19 (IMPACD2) door dr. K. Brinkman

De IMPACD2-studie bestudeert langetermijngevolgen van COVID19 bij een cohort van patiënten dat in maart en april 2020 werd begeleid in OLVG. De patiënten worden een jaar gevolgd, waarbij in het bloed het behoud van afweer wordt gecontroleerd en vragenlijsten over hun mentale en fysieke conditie worden afgenomen. Tenslotte zal het optreden van herinfecties worden geëvalueerd.

4. Draagt het gebruik van een 3D-arm voor arterio-veneuze shunt bij om vaattoegangszorg voor de dialysepatiënt te verbeteren (VA3D) door dr. ir. V. Lagerburg

3D-printen biedt ontzettend veel mogelijkheden in de zorg. In deze studie wordt onderzocht of een op maat gemaakte 3D-prikarm ervoor kan zorgen dat  minder vaak wordt misgeprikt bij dialysepatiënten. Dialysepatiënten worden immers 312 keer per jaar aangeprikt.

In de eerste week bij de start van de dialyse worden patiënten in 51% van de keren geconfronteerd met misprikken, complicaties zoals blauwe plekken, pijn, ongemak en gemiste dialyses. Beter getraind personeel leidt tot minder complicaties gerelateerd aan het misprikken en daarmee ook tot een verbetering in kwaliteit van leven voor de patiënt. De 3D-arm zal ontwikkeld worden met verschillende moeilijkheidsgradaties, zodat de dialyseafdeling enerzijds leerlingen kan trainen in deze vaardigheid en ook gediplomeerden in een veilig leerklimaat de moeilijke shunts kunnen oefenen. Lees verder

5. Monitor Mentale Gezondheid Medewerkers (MMGM) door dr. A. Bakker

De coronapandemie vraagt veel van ziekenhuismedewerkers. In mei 2020 zijn we het Monitor-project gestart om zicht te krijgen op de mentale gezondheid van OLVG-medewerkers en hun behoefte aan ondersteuning. Met de subsidie kunnen we het onderzoek uitbreiden: we voeren nog twee vervolgmetingen uit en zullen met geavanceerde statistische technieken (voorspellers van) het beloop en van de mentale gezondheid in kaart brengen. In focusgroepen gaan we met medewerkers in gesprek over factoren die een rol spelen bij het al dan niet (vroegtijdig) gebruik maken van ondersteuning. De resultaten van het project maken we beschikbaar voor medewerkers door middel van een online informatie- en beslisinstrument. Zo willen we met dit project de brug tussen wetenschap en praktijk verstevigen.

6. Percepties en ervaringen met betrekking tot de veranderende rol en identiteit van zorgprofessionals in de context van een geïntegreerde infrastructuur van obstetrische en neonatale zorg ontworpen om ouders te empoweren door drs. M. Stelwagen

Een belangrijk doel van hedendaagse zorgmodellen voor specialistische zorg voor moeders en pasgeborenen is om ouders te empoweren. Hierdoor kunnen ouders zich positioneren als primaire zorgverlener voor hun (zieke) pasgeborenen en als gelijkwaardig teamlid van het zorgteam. De gezondheidseffecten van deze zorgmodellen zijn onafhankelijk positief bevonden voor zowel ouders als pasgeborenen.

Het Anna Paviljoen loopt voorop in Europa met een infrastructuur waarin meerdere van deze zorgmodellen zijn geïntegreerd. Hoog-complexe geïntegreerde (Couplet-care) obstetrische en neonatale level-2 zorg wordt verleend volgens het zorgmodel ‘Family Integrated Care’ (FICare) in individuele familiesuites met in-roommogelijkheden voor de partner. In de literatuur is weinig bekend over hoe zorgprofessionals het ervaren om te werken binnen infrastructuren waar ouders 24 uur per dag aanwezig kunnen zijn bij hun zieke pasgeborenen en zich kunnen ontwikkelen tot autonome, zelfstandige ouders en gelijkwaardige teamleden van het zorgteam. Dit heeft gevolgen voor de rollen en identiteit van de zorgprofessionals. Het is van belang om in kaart te brengen hoe zorgprofessionals dit ervaren en wat nodig is om optimale zorg en behandeling te kunnen verlenen binnen infrastructuren die streven naar empowerment van ouders. Dit kan bijvoorbeeld de kwaliteit van de opleidingen ten goede komen en zorgprofessionals ondersteunen bij hun professionele ontwikkeling.