Aandoeningen & behandelingen

Hyoidthyroidpexieu kunt hiervoor terecht bij Slaap- en Apneucentrum Amsterdam

Wanneer er sprake is van matig ernstig tot ernstig slaapapneusyndroom, dat (deels) wordt veroorzaakt door het samenvallen van de tongbasis en/of het strottenklepje tegen de achterwand van de mondkeelholte, kan in overleg met de KNO-arts worden besloten een chirurgische behandeling van het achterste deel van de tong te verrichten. Deze ingreep noemt men een HTP (Hyoidthyroidpexie). De ingreep wordt vaak uitgevoerd in combinatie met een andere KNO-ingreep, die tot doel heeft de OSAS te verminderen.

Verloop

De behandeling

De ingreep vindt plaats onder algehele anesthesie. Tijdens de ingreep krijgt u een beademingsbuis in de keel en luchtpijp. Lees ook de folder "Anesthesie".

Bij de ingreep wordt via een snede in de hals het tongbeen met permanente hechtingen aan het schildkraakbeen vastgemaakt. Dit heeft als doel de tongbasis naar voren te verplaatsen. Voor de behandeling van (matig) ernstig OSAS is het succespercentage van deze ingreep ongeveer 70%.

Na de behandeling

De operatie kent enkele, mogelijke complicaties:

  • Er kan zwelling in het operatiegebied optreden. Hierbij zou mogelijk de luchtweg bedreigd kunnen raken. Om deze reden verblijft u de eerste nacht na de ingreep op de intensive care, waar u gedurende de nacht goed in de gaten gehouden wordt.
  • Er is een klein risico op het ontstaan van een seroom. Dat is een afgesloten ruimte gevuld met vocht, die kan ontstaan in een operatiegebied na een chirurgische ingreep. Soms is het noodzakelijk zo’n seroom chirurgisch te ontlasten.
  • De wondgenezing kan in sommige gevallen vertraagd verlopen.
  • Doordat de hals ter plaatse van de tongbasis en het strottenhoofd stijver is, kan er een articulatiestoornis ontstaan.
  • Doordat de hals ter plaatse van de tongbasis en het strottenhoofd stijver is, kan er een slikstoornis ontstaan.
  • In de hals lopen enkele grote bloedvaten en de spieren in de hals zijn goed doorbloed. Er is (zoals na elke operatieve ingreep) een risico op het ontstaan van een bloeding of bloeduitstorting (hematoom). Om deze reden wordt er in de hals een slangetje achtergelaten, dat verbonden is met een opvangsysteem (drain). Dit slangetje wordt verwijderd op het moment dat er weinig bloed meer in het opvangsysteem terechtkomt. Dit is meestal na 1 tot 2 dagen.

Vragen & contact

Heeft u vragen of wilt u en afspraak maken? Neem dan contact op met de afdeling Slaap- en Apneucentrum Amsterdam.